Een huurwoning opzeggen na overlijden: termijnen en stappen

Overzicht

Overlijdt iemand die alleen in een huurwoning woonde, dan eindigt de huurovereenkomst aan het eind van de tweede maand na het overlijden. Dat volgt rechtstreeks uit de wet. U hoeft daar meestal niets voor te doen, maar u heeft er wel weinig tijd door: de woning moet in die periode leeg en netjes worden opgeleverd. Woonde er iemand mee, dan liggen de regels anders en kan de huur juist worden voortgezet.

Belangrijkste punten

  • Overlijden beëindigt een huurovereenkomst niet automatisch op de dag zelf.
  • Woonde de overledene alleen, dan eindigt de huur aan het eind van de tweede maand na het overlijden.
  • Een medehuurder wordt zelf huurder en kan binnen zes maanden opzeggen.
  • Iemand met een duurzame gemeenschappelijke huishouding kan de huur voortzetten via de rechter.
  • Wees voorzichtig met het meenemen van spullen zolang u nog niet weet of u de erfenis aanvaardt.

Wat de wet regelt

Het uitgangspunt staat in artikel 7:229 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek: de dood van de huurder of de verhuurder doet de huur niet eindigen. De overeenkomst loopt dus door. Voor woonruimte werkt artikel 7:268 dat verder uit, en daarin zitten drie situaties.

Er is een medehuurder. Was de partner of huisgenoot medehuurder, dan zet die de huur voort als huurder. Dat gaat vanzelf. Een echtgenoot of geregistreerd partner die in de woning woonde, is van rechtswege medehuurder (artikel 7:266 BW), ook als hij niet op het contract staat. Wil de medehuurder juist weg, dan kan hij binnen zes maanden na het overlijden opzeggen, per deurwaardersexploot of aangetekende brief, met ingang van de eerste dag van de tweede maand na de opzegging.

Er is geen medehuurder, maar wel een huisgenoot. Iemand die zijn hoofdverblijf in de woning had en met de overledene een duurzame gemeenschappelijke huishouding voerde, zet de huur van rechtswege zes maanden voort. Binnen die zes maanden kan hij de rechter vragen de huur definitief te mogen voortzetten. Denk aan een ongehuwd samenwonende partner die nooit op het contract is gekomen, of een inwonend volwassen kind dat jarenlang samen met de ouder een huishouden voerde. De rechter kijkt streng naar dat begrip "duurzame gemeenschappelijke huishouding"; alleen op hetzelfde adres wonen is niet genoeg.

Er is niemand die de huur voortzet. Dan geldt de hoofdregel uit lid 6: de huur eindigt aan het eind van de tweede maand na het overlijden. Overlijdt iemand op 10 maart, dan loopt de huur dus tot en met 31 mei. De erfgenamen mogen de huur volgens hetzelfde lid ook eerder laten eindigen, tegen het eind van de eerste maand na het overlijden; in dit voorbeeld dus per 30 april.

Een huurwoning opzeggen na overlijden: termijnen en stappen

Wat dat praktisch betekent

Die twee maanden zijn korter dan ze klinken, zeker in een periode waarin er veel tegelijk moet gebeuren. Een paar dingen om rekening mee te houden.

  • De huur loopt door tot het einde van die termijn en komt ten laste van de nalatenschap. Bespreek met de verhuurder hoe die wordt betaald, ook als de bankrekening geblokkeerd is. Let op: openstaande rekeningen betalen uit de erfenis kan gelden als zuivere aanvaarding (zie hieronder). Zie bankrekening van de overledene deblokkeren.
  • De woning moet leeg en in de afgesproken staat worden opgeleverd. Wat dat inhoudt, staat in het huurcontract. Bij woningcorporaties gaat het vaak om zelf aangebrachte voorzieningen die verwijderd moeten worden.
  • Meld het overlijden zo snel mogelijk bij de verhuurder. Veel verhuurders willen een kopie van de overlijdensakte of een verklaring van erfrecht. Sommige verhuurders zijn bereid tot een iets langere termijn, of tot een regeling voor de oplevering. Dat is maatwerk en verschilt per verhuurder, dus vraag ernaar. Een brief aan de verhuurder, met de einddatum al uitgerekend, maakt u met de brievengenerator Overlijden melden.
  • Zeg lopende zaken op: energie, water, internet, verzekeringen en eventuele huurtoeslag. Huurtoeslag stopt met het overlijden; te veel ontvangen toeslag wordt teruggevorderd.
  • Vraag de waarborgsom terug en let op de eindafrekening van de servicekosten. Die kan nog maanden later komen.

Let op bij het leeghalen van de woning

Hier zit een valkuil die veel mensen niet zien aankomen. Als erfgenaam kunt u kiezen tussen zuiver aanvaarden, beneficiair aanvaarden of verwerpen. Gedraagt u zich ondubbelzinnig als iemand die de erfenis zuiver heeft aanvaard, dan kunt u die keuze kwijtraken. En bij zuivere aanvaarding bent u met uw eigen vermogen aansprakelijk voor eventuele schulden.

De grens luistert nauw. Het regelen en betalen van de uitvaart geldt niet als zuivere aanvaarding. Bij het leeghalen ligt dat anders: volgens de Rechtspraak heeft u de erfenis in principe zuiver aanvaard als u bezittingen van de overledene opruimt, anders dan om ze tijdelijk op te slaan. Dat geldt ook als de verhuurder op ontruiming aandringt. Spullen meenemen voor uzelf valt daar ook onder. Weet u nog niet of de nalatenschap positief is, wees dan terughoudend: maak een lijst en foto's van wat er staat, sla de spullen tijdelijk op zonder ze te verdelen, te verkopen of weg te doen, en neem niets mee voor eigen gebruik voordat de keuze is gemaakt.

Dit speelt vooral als er twijfel is over schulden. Meer daarover in erfenis met schulden en erfenis verwerpen. De volgorde van alle stappen bij een overlijden staat in nalatenschap afwikkelen.

De spanning is duidelijk: de verhuurder wil de woning binnen twee maanden leeg, terwijl u misschien nog niet weet of u de erfenis wilt aanvaarden. Wordt die tijd te krap, overleg dan met de verhuurder en laat u zo nodig bijstaan door een notaris. Beneficiair aanvaarden kan uitkomst bieden, maar brengt eigen verplichtingen mee.

De inboedel en de erfbelasting

Wat in de woning staat, hoort bij de nalatenschap en moet in de aangifte erfbelasting worden opgegeven. Niet voor de nieuwwaarde of de verzekerde waarde, maar voor wat het bij verkoop zou opbrengen op de dag van overlijden. Bij een gemiddeld huishouden komt dat vaak laag uit. De kosten van het opruimen zelf mag u er volgens de Belastingdienst niet van aftrekken. Hoe u dat onderbouwt, staat in waarde van de inboedel in de aangifte erfbelasting.

Als er ook een koopwoning is

Een huurwoning zit niet in de nalatenschap: er is geen woning om te erven, alleen een contract dat eindigt. Dat maakt de afwikkeling in dit opzicht eenvoudiger.

Laat de overledene wél een koopwoning na, bijvoorbeeld een woning die verhuurd werd of waar iemand eerder woonde, dan verandert het beeld. Voor de erfbelasting wordt zo'n woning namelijk niet gewaardeerd op wat hij werkelijk waard is, maar op de WOZ-waarde die de gemeente heeft vastgesteld. Staat die te hoog, dan betaalt u over een waarde die er niet is. De achtergrond staat in WOZ-waarde en erfbelasting en erfbelasting over een woning.

Als vuistregel geldt dat EUR 10.000 lagere WOZ-waarde voor een kind ongeveer EUR 1.000 minder erfbelasting betekent, bij 10 procent in de eerste schijf (indicatief 2026). Dat is een vuistregel, geen toezegging. Wat u kunt doen als de waarde te hoog lijkt, staat in erfbelasting verlagen via WOZ-bezwaar.

Begrippenlijst

  • Medehuurder: iemand die naast de huurder ook huurder is, omdat hij op het huurcontract staat of als echtgenoot of geregistreerd partner in de woning woont, en die bij overlijden zelf huurder wordt.
  • Duurzame gemeenschappelijke huishouding: een bestendige situatie waarin twee mensen samen een huishouden voeren, meer dan alleen samen wonen.
  • Oplevering: het teruggeven van de woning aan de verhuurder in de afgesproken staat.
  • Zuivere aanvaarding: de erfenis volledig aanvaarden, inclusief aansprakelijkheid voor schulden met eigen vermogen.
  • Beneficiaire aanvaarding: aanvaarden onder voorrecht van boedelbeschrijving, waarbij u niet met eigen vermogen aansprakelijk wordt.

Veelgestelde vragen

Moet ik de huur zelf opzeggen?

Woonde de overledene alleen, dan eindigt de huur van rechtswege aan het eind van de tweede maand na het overlijden. Meld het overlijden wel zo snel mogelijk bij de verhuurder.

Hoe lang moet ik huur blijven betalen?

Tot het einde van die termijn, tenzij de erfgenamen de huur eerder laten eindigen, tegen het eind van de eerste maand na het overlijden. De huur komt ten laste van de nalatenschap.

Mijn partner stond niet op het huurcontract. Moet hij eruit?

Niet per se. Was hij getrouwd of geregistreerd partner van de huurder en woonde hij er, dan is hij van rechtswege medehuurder en zet hij de huur voort. Anders geldt: wie zijn hoofdverblijf in de woning had en een duurzame gemeenschappelijke huishouding voerde, zet de huur zes maanden voort en kan binnen die periode de rechter om voortzetting vragen.

Kan de verhuurder een langere termijn geven?

Dat kan, maar het is geen recht. Verhuurders zijn soms bereid tot maatwerk. Vraag ernaar en leg afspraken schriftelijk vast.

Mag ik meteen beginnen met leeghalen?

Wees voorzichtig. Volgens de Rechtspraak geldt opruimen in principe als zuivere aanvaarding, tenzij u de spullen alleen tijdelijk opslaat. Zolang u nog niet weet of u de erfenis aanvaardt, kunt u de spullen dus beter opslaan en niets meenemen voor uzelf.


Dit artikel is informatief bedoeld en houdt geen fiscaal of juridisch advies in. Wettelijke termijnen kunnen per situatie anders uitpakken en afspraken met een verhuurder verschillen. Bedragen zijn indicatief voor 2026. Raadpleeg bij twijfel een notaris of adviseur.

Bronnen

Officiële bronnen bij dit artikel, geraadpleegd in oktober 2026:


Dit artikel is informatief bedoeld en geen persoonlijk fiscaal of juridisch advies. Bedragen zijn indicatief en gelden voor het genoemde jaar. Raadpleeg zo nodig een notaris of adviseur.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *