Een erfgenaam betaalt de erfbelasting niet: bent u daarvoor aansprakelijk?

Overzicht

De erfbelasting wordt geheven van de verkrijger. Iedere erfgenaam krijgt dus zijn eigen aanslag over zijn eigen deel, en betaalt die zelf. Blijft een broer of zus in gebreke, dan is dat in beginsel niet uw probleem. Er zijn twee uitzonderingen die wel echt bestaan, en er is één uitzondering die vaak wordt genoemd maar niet klopt. Dit artikel zet de wettelijke regels naast elkaar.

Belangrijkste punten

  • Hoofdregel: de erfbelasting wordt geheven van de verkrijger, met een eigen aanslag per erfgenaam.
  • U bent niet zonder meer aansprakelijk voor de erfbelasting van een mede-erfgenaam.
  • Uitzondering 1: de erfgenamen zijn naar evenredigheid van hun erfdeel aansprakelijk voor de erfbelasting van de legatarissen.
  • Uitzondering 2: de erfgenamen zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de erfbelasting van verkrijgers die buiten Nederland wonen.
  • Een executeur of door de rechter benoemde vereffenaar heeft een eigen, zwaardere aansprakelijkheid.
  • Een algemene bovengrens voor deze aansprakelijkheid staat niet in de wet. De grens uit artikel 48 van de Invorderingswet 1990 geldt voor iets anders.

De hoofdregel: ieder zijn eigen aanslag

Artikel 36 van de Successiewet 1956 is kort: de belasting wordt geheven van de verkrijger. De erfbelasting is dus geen schuld van de nalatenschap die eerst wordt afgetrokken, maar een persoonlijke belasting van ieder die iets ontvangt. Daaruit volgt dat iedere erfgenaam een eigen aanslag krijgt, berekend over zijn eigen verkrijging, met zijn eigen vrijstelling en zijn eigen tarief. Een kind en een broer van de overledene betalen over hetzelfde bedrag een heel verschillend percentage.

Blijft een mede-erfgenaam in gebreke, dan blijft dat in beginsel zijn eigen aanslag en zijn eigen schuld. Dat is de rustgevende hoofdregel, en het is tegelijk de reden om bij de verdeling vast te leggen wie wat betaalt; zie erfenis verdelen.

Een erfgenaam betaalt de erfbelasting niet: bent u daarvoor aansprakelijk?

Uitzondering 1: de erfbelasting van een legataris

In de Invorderingswet 1990 staat wel een aansprakelijkheid, maar niet degene die er doorgaans van wordt gemaakt. Artikel 46, eerste lid, bepaalt dat ieder van de erfgenamen naar evenredigheid van zijn erfdeel aansprakelijk is voor de erfbelasting die is verschuldigd door de legatarissen.

Dat is een belangrijk onderscheid, en het wordt op veel websites verkeerd weergegeven als "iedere erfgenaam is naar evenredigheid aansprakelijk voor de erfbelasting". Dat staat er niet. Het gaat om de belasting van de legataris: iemand die op grond van het testament een specifiek goed of bedrag krijgt zonder erfgenaam te zijn.

De achtergrond is praktisch. Een legataris ontvangt iets uit een boedel die de erfgenamen beheren en verdelen. Krijgt een buurman een legaat van EUR 20.000 en betaalt hij de erfbelasting daarover niet, dan kunnen de erfgenamen daarvoor worden aangesproken, ieder voor zijn deel. Reden om bij het uitkeren van een legaat eerst te controleren of de belasting daarover is geregeld.

Uitzondering 2: een erfgenaam die buiten Nederland woont

De tweede uitzondering is scherper. Artikel 46, tweede lid, van de Invorderingswet 1990 bepaalt dat de erfgenamen hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de erfbelasting die verschuldigd is door verkrijgers die buiten Nederland wonen.

Hoofdelijk betekent: voor het hele bedrag, niet voor een deel. Woont uw zus in Duitsland en betaalt zij haar aanslag niet, dan kan de Belastingdienst zich in beginsel tot u wenden voor dat bedrag, ook al heeft u uw eigen aanslag netjes voldaan.

De logica is invordering: een aanslag die moet worden ingevorderd bij iemand buiten Nederland is veel moeilijker te innen, en de wetgever heeft dat risico bij de erfgenamen in Nederland gelegd. Het is geen boete en geen verwijt, maar het is wel iets om vooraf te bespreken. Een gebruikelijke oplossing is dat het deel van de erfgenaam in het buitenland pas wordt uitgekeerd nadat zijn erfbelasting is betaald, of dat er een bedrag wordt gereserveerd. Meer over die situatie in in het buitenland wonen en een woning in Nederland erven.

En de executeur?

Wie executeur is, staat er anders in. Artikel 47 van de Invorderingswet 1990 maakt executeurs en door de rechter benoemde vereffenaars hoofdelijk aansprakelijk voor alle erfbelasting die door en bij het overlijden verschuldigd is, tenzij de aangifte niet door hen is gedaan. Er is wel een ontsnapping: de aansprakelijkheid geldt niet voor zover de executeur aannemelijk maakt dat het niet aan hem te wijten is dat er te weinig belasting is geheven.

Dat is een wezenlijk zwaardere positie dan die van een gewone erfgenaam, en een reden om de rol niet lichtvaardig te aanvaarden. Dit is uitgewerkt in is de executeur aansprakelijk voor de erfbelasting.

Een bovengrens die vaak verkeerd wordt uitgelegd

Op veel plaatsen staat dat uw aansprakelijkheid nooit verder gaat dan uw eigen erfdeel. Dat volgt niet uit de wet. Artikel 48 van de Invorderingswet 1990 noemt die grens wel: niet verder dan het beloop van uw erfdeel, vermeerderd met wat u is gelegateerd en met bepaalde andere verkrijgingen. Maar die grens geldt alleen voor navorderings- en naheffingsaanslagen die na het overlijden worden vastgesteld, en voor bepaalde bedragen uit artikel 49. Het gaat dan om belastingschulden van de overledene zelf, niet om de erfbelasting van een legataris of van een erfgenaam in het buitenland.

Voor de twee uitzonderingen hierboven noemt de wet dus geen vaste bovengrens. Of u in zo'n geval ook met uw eigen vermogen kunt worden aangesproken, hangt af van de situatie. Speelt dit bij u, laat het dan toetsen door een belastingadviseur.

Het praktische advies dat niemand geeft

Al deze aansprakelijkheden hangen aan één getal: de hoogte van de aanslagen. Hoe lager de erfbelasting die er in totaal verschuldigd is, hoe kleiner de blootstelling van iedereen in de familie, ongeacht wie waarvoor kan worden aangesproken.

Zit er een woning in de nalatenschap, dan zit daar meestal ook het grootste deel van de grondslag. Die woning wordt voor de erfbelasting gewaardeerd op de WOZ-waarde, en juist bij een woning die lang in dezelfde familie was, staat die opvallend vaak te hoog; zie wanneer een WOZ-waarde na overlijden te hoog staat. Daar komt bij dat de erfbelasting vaak moet worden betaald voordat de woning verkocht is, waardoor het geld er nog niet is; zie erfbelasting betalen voordat het huis verkocht is. Dat is precies de situatie waarin een erfgenaam niet betaalt.

De grondslag verlagen is dus niet alleen een besparing. Het is ook de manier om het risico weg te nemen dat één erfgenaam de rest meesleept.

Een illustratief voorbeeld

Stel dat drie kinderen een woning erven en dat één van hen in Frankrijk woont. Ieder krijgt een eigen aanslag. De dochter in Frankrijk heeft het bedrag niet liquide, omdat de woning nog niet is verkocht.

Omdat zij buiten Nederland woont, kunnen de twee broers in Nederland voor haar erfbelasting worden aangesproken. Zij spreken daarom af dat haar deel van de verkoopopbrengst pas wordt uitgekeerd nadat haar aanslag is betaald. Daarnaast laten zij de WOZ-waarde beoordelen. Die blijkt EUR 40.000 te hoog en wordt verlaagd. Valt de verkrijging in de tweede schijf, met 20 procent voor een kind (indicatief 2026), dan kan dat in de orde van EUR 8.000 minder erfbelasting betekenen over de nalatenschap, verdeeld over de drie aanslagen.

Dit is een rekenvoorbeeld, geen toezegging. Of een bezwaar slaagt en met welk bedrag verschilt per woning, per gemeente en per onderbouwing. Blijft alles in de eerste schijf, met 10 procent, dan is het effect ongeveer de helft.

Liever uit handen geven?

Erfslim beoordeelt de WOZ-waarde van een geërfde woning en voert zo nodig het bezwaar, op basis van no cure, no pay. Slaagt het bezwaar niet, dan betaalt u niets. De voorwaarden staan in WOZ-bezwaar op basis van no cure, no pay. Een uitkomst is nooit gegarandeerd. Over de systematiek leest u meer in erfbelasting verlagen via WOZ-bezwaar; over termijnen en betalingsregelingen in erfbelasting betalen: termijnen en in de gids erfbelasting in Nederland.

Begrippenlijst

  • Verkrijger: ieder die iets uit de nalatenschap ontvangt; van hem of haar wordt de erfbelasting geheven.
  • Legataris: iemand die op grond van het testament een bepaald goed of bedrag krijgt, zonder erfgenaam te zijn.
  • Hoofdelijke aansprakelijkheid: ieder van de aansprakelijken kan voor het hele bedrag worden aangesproken.
  • Aansprakelijkheid naar evenredigheid: ieder kan slechts voor zijn eigen aandeel worden aangesproken.
  • Executeur: degene die in het testament is aangewezen om de nalatenschap af te wikkelen.
  • Vereffenaar: degene die een nalatenschap afwikkelt na beneficiaire aanvaarding of na benoeming door de rechter.

Veelgestelde vragen

Moet ik de erfbelasting van mijn broer betalen als hij dat niet doet?

In beginsel niet. Woont hij buiten Nederland, dan is dat anders: dan zijn de erfgenamen hoofdelijk aansprakelijk voor zijn erfbelasting.

Wordt de erfbelasting niet eerst uit de nalatenschap betaald?

Dat gebeurt in de praktijk vaak zo, maar juridisch is de erfbelasting een persoonlijke belasting van iedere verkrijger. Leg zulke afspraken daarom schriftelijk vast.

Ik ben executeur. Loop ik meer risico?

Ja. Een executeur die de aangifte heeft gedaan, is hoofdelijk aansprakelijk voor alle verschuldigde erfbelasting, met een beperkte disculpatiemogelijkheid; zie is de executeur aansprakelijk voor de erfbelasting.

Kan ik meer kwijt zijn dan ik heb geërfd?

Dat is niet uitgesloten. De wet noemt voor de aansprakelijkheid voor de erfbelasting van legatarissen en buitenlandse erfgenamen geen vaste bovengrens. Laat dit bij twijfel toetsen door een belastingadviseur.

Wat is de beste manier om dit risico te verkleinen?

De totale aanslagen omlaag brengen door de grondslag juist vast te stellen, en bij een woning begint dat bij de WOZ-waarde.


Dit artikel is informatief bedoeld en houdt geen fiscaal of juridisch advies in. Of de Belastingdienst in een concreet geval tot aansprakelijkstelling overgaat, hangt af van de omstandigheden. Bedragen en tarieven zijn indicatief voor 2026 en worden jaarlijks aangepast; verifieer ze zo nodig op belastingdienst.nl. Raadpleeg bij twijfel een notaris of adviseur.

Bronnen

Officiële bronnen bij dit artikel, geraadpleegd in oktober 2026:


Dit artikel is informatief bedoeld en geen persoonlijk fiscaal of juridisch advies. Bedragen zijn indicatief en gelden voor het genoemde jaar. Raadpleeg zo nodig een notaris of adviseur.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *