Pensioenimputatie: waarom uw partnervrijstelling lager kan uitvallen dan u denkt

Overzicht

De partnervrijstelling voor de erfbelasting is hoog: indicatief EUR 828.035 in 2026. Veel langstlevende partners gaan er daarom van uit dat zij niets hoeven te betalen. Toch komt er regelmatig een aanslag. De oorzaak is meestal pensioenimputatie: krijgt u een nabestaandenpensioen, dan wordt uw vrijstelling verlaagd met de helft van de waarde daarvan. Over het pensioen zelf betaalt u geen erfbelasting, maar uw vrijstelling voor de rest van de nalatenschap wordt wel kleiner.

Belangrijkste punten

  • Een nabestaandenpensioen of vergelijkbare periodieke uitkering verlaagt de partnervrijstelling.
  • Over de pensioenuitkering zelf is geen erfbelasting verschuldigd.
  • Er geldt een ondergrens: de partner houdt altijd minimaal indicatief EUR 213.915 (2026) aan vrijstelling over.
  • Hoe hoger het pensioen, hoe eerder de rest van de nalatenschap belast raakt. En de woning is daarin meestal de grootste post.
  • De woning telt mee voor de WOZ-waarde, ook als die te hoog is vastgesteld.

Wat pensioenimputatie is

Imputeren betekent hier: verrekenen. De gedachte van de wetgever is dat een langstlevende partner met een goed nabestaandenpensioen al financieel verzorgd achterblijft, en daarom minder vrijstelling nodig heeft dan iemand zonder dat pensioen.

Daarom wordt de partnervrijstelling verminderd met de helft van de waarde van de aanspraken op nabestaandenpensioen en vergelijkbare periodieke uitkeringen. Dat is geen boete en geen extra heffing over het pensioen. Het pensioen zelf blijft buiten de erfbelasting. Alleen uw vrijstelling wordt kleiner, waardoor een groter deel van de overige nalatenschap belast kan worden.

Wat meetelt zijn onder meer het nabestaandenpensioen uit een pensioenregeling en lijfrente-achtige periodieke uitkeringen die door het overlijden ontstaan. Wat u zelf al had, of vermogen dat u erft, valt hier niet onder. De precieze afbakening luistert nauw. Laat dit zo nodig narekenen door een adviseur of notaris.

Pensioenimputatie: waarom uw partnervrijstelling lager kan uitvallen dan u denkt

Hoe de berekening in grote lijnen werkt

De waarde van het nabestaandenpensioen wordt niet als jaarbedrag genomen, maar gekapitaliseerd: er wordt een waarde bepaald voor de hele verwachte uitkeringsduur. In hoofdlijnen gaat dat in drie stappen.

  1. Jaarbedrag maal een leeftijdsfactor. Hoe jonger de partner, hoe hoger de factor, want de uitkering loopt naar verwachting langer door. De factoren staan in de uitvoeringsregels bij de Successiewet.
  2. Aftrek van 30 procent wegens de inkomstenbelasting die over de toekomstige uitkeringen nog betaald moet worden. Er blijft dan 70 procent over.
  3. Daarvan wordt de helft geïmputeerd, dus in mindering gebracht op de partnervrijstelling.

Kort samengevat: jaarbedrag maal leeftijdsfactor, maal 0,70, maal 0,50.

Er geldt een harde ondergrens. Hoe hoog het pensioen ook is, de partner houdt altijd minimaal indicatief EUR 213.915 (2026) aan vrijstelling over. Alle genoemde bedragen zijn indicatief voor 2026 en worden jaarlijks aangepast; controleer ze op belastingdienst.nl.

Een rekenvoorbeeld

Stel dat een partner van 64 jaar achterblijft en een nabestaandenpensioen krijgt van EUR 35.000 per jaar. Bij die leeftijd hoort in dit voorbeeld een factor 10.

  • Waarde van de aanspraak: EUR 35.000 maal 10 is EUR 350.000.
  • Na aftrek van 30 procent: EUR 245.000.
  • Daarvan de helft: EUR 122.500 wordt geïmputeerd.

De partnervrijstelling komt dan uit op EUR 828.035 min EUR 122.500, dus ongeveer EUR 705.535. Dat is nog steeds ruim, en bij een gemiddelde nalatenschap blijft er dan vaak niets te betalen over.

Maar het beeld kantelt bij een hoger pensioen of een jongere partner. Stel dat de partner 55 is en een nabestaandenpensioen van EUR 55.000 per jaar heeft, met een hogere leeftijdsfactor omdat de uitkering langer loopt. Dan kan de imputatie oplopen tot enkele honderdduizenden euro's, en zakt de vrijstelling richting de ondergrens. Op dat moment gaat de omvang van de nalatenschap wél tellen.

Deze voorbeelden zijn illustratief en vereenvoudigd. De werkelijke factoren, de precieze samenstelling van de aanspraken en het testament bepalen de uitkomst. Dit is geen berekening van uw eigen situatie.

Waar de woning in beeld komt

Hier ligt het punt dat in de praktijk het vaakst wordt gemist. Zolang de partnervrijstelling ver boven de nalatenschap uitkomt, maakt het weinig uit hoe de woning wordt gewaardeerd. Zakt de vrijstelling door imputatie, dan verandert dat.

De woning is bij de meeste nalatenschappen de grootste post. Voor de erfbelasting wordt die niet gewaardeerd op wat hij werkelijk waard is, maar op de WOZ-waarde die de gemeente heeft vastgesteld. Staat die te hoog, dan wordt de nalatenschap op papier groter dan hij is, precies op het moment dat uw vrijstelling kleiner is geworden. De achtergrond staat in WOZ-waarde en erfbelasting en erfbelasting over een woning.

Een voorbeeld van hoe dat samenkomt. Stel dat de vrijstelling na imputatie uitkomt op ongeveer EUR 300.000 en de nalatenschap bestaat vrijwel geheel uit een woning met een WOZ-waarde van EUR 340.000. Dan is er ongeveer EUR 40.000 belast. Blijkt de WOZ-waarde EUR 25.000 te hoog te zijn vastgesteld, dan wordt dat belaste deel navenant kleiner. Als vuistregel geldt dat EUR 10.000 lagere WOZ-waarde voor een partner of kind ongeveer EUR 1.000 minder erfbelasting betekent, bij een tarief van 10 procent in de eerste schijf. Dit is een vuistregel, geen toezegging, en de uitkomst verschilt per situatie.

Wat u tegen een te hoge WOZ-waarde kunt doen, staat stap voor stap in erfbelasting verlagen via WOZ-bezwaar en in WOZ-waarde te hoog bij een erfenis. Een bezwaar moet in beginsel binnen zes weken na de dagtekening van de beschikking worden ingediend, al kan dat per situatie verschillen en zijn er voor erfgenamen soms andere routes.

Wat u praktisch kunt doen

  • Vraag het pensioenfonds om een opgave van het nabestaandenpensioen op jaarbasis en de ingangsdatum. Dat cijfer heeft u nodig.
  • Reken niet op voorhand dat u niets betaalt. De hoge vrijstelling is een uitgangspunt, geen garantie.
  • Kijk kritisch naar de WOZ-waarde van de woning, zeker als die door een oudere bewoner werd bewoond en de staat achterblijft bij vergelijkbare huizen.
  • Laat de berekening controleren als het om grote bedragen gaat. Pensioenimputatie is technisch en kleine verschillen in factoren werken flink door.

Meer over de positie van de langstlevende staat in erfbelasting voor de partner, en het volledige overzicht van vrijstellingen in vrijstellingen erfbelasting en de algemene uitleg over erfbelasting.

Begrippenlijst

  • Pensioenimputatie: het verlagen van de partnervrijstelling met de helft van de waarde van het nabestaandenpensioen.
  • Nabestaandenpensioen: periodieke uitkering aan de partner die ontstaat door het overlijden.
  • Leeftijdsfactor: vermenigvuldigingsfactor waarmee een jaarlijkse uitkering wordt omgerekend naar een waarde ineens.
  • Partnervrijstelling: het bedrag dat een partner belastingvrij mag erven, indicatief EUR 828.035 in 2026.
  • Ondergrens: het minimum aan vrijstelling dat altijd overblijft, indicatief EUR 213.915 in 2026.

Veelgestelde vragen

Betaal ik erfbelasting over mijn nabestaandenpensioen?

Nee. Over de uitkering zelf is geen erfbelasting verschuldigd. Alleen uw vrijstelling voor de rest van de nalatenschap wordt verlaagd.

Kan mijn vrijstelling helemaal verdwijnen?

Nee. Er blijft altijd een ondergrens over, indicatief EUR 213.915 in 2026.

Geldt dit ook bij een AOW-nabestaandenuitkering of Anw?

Nee. Uitkeringen op grond van de AOW en de Algemene nabestaandenwet (Anw) hebben geen invloed op de partnervrijstelling, en u hoeft ze niet op te geven in de aangifte erfbelasting. Bij andere uitkeringen kan dat anders zijn; laat dat zo nodig beoordelen door een adviseur of het pensioenfonds.

Telt een lijfrente ook mee?

Periodieke uitkeringen die door het overlijden ontstaan kunnen meetellen. De afbakening is technisch; vraag dit na bij uw adviseur.

Wat als de aanslag hoger uitvalt dan verwacht?

Kijk dan zowel naar de imputatieberekening als naar de WOZ-waarde van de woning. Beide bepalen de uitkomst. Zie bezwaar tegen de aanslag erfbelasting.


Dit artikel is informatief bedoeld en houdt geen fiscaal of juridisch advies in. Bedragen, factoren en tarieven zijn indicatief voor 2026 en worden jaarlijks aangepast; verifieer ze zo nodig op belastingdienst.nl. Raadpleeg bij twijfel een notaris of adviseur.

Bronnen

Officiële bronnen bij dit artikel, geraadpleegd in oktober 2026:


Dit artikel is informatief bedoeld en geen persoonlijk fiscaal of juridisch advies. Bedragen zijn indicatief en gelden voor het genoemde jaar. Raadpleeg zo nodig een notaris of adviseur.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *