Kunt u uw kindsdeel opeisen als uw ouder hertrouwt?

Overzicht

Als uw vader of moeder na het overlijden van de ander een nieuwe partner krijgt, komt bij veel kinderen dezelfde vraag op: kan ik mijn kindsdeel nu opeisen? Het korte antwoord is dat hertrouwen op zichzelf uw vordering in de regel niet opeisbaar maakt. De wet regelt iets anders, en dat is minder bekend: de wilsrechten. Die gaan niet over geld, maar over spullen, en in de praktijk vaak over het huis.

Belangrijkste punten

  • Bij de wettelijke verdeling krijgt u als kind een geldvordering op de langstlevende ouder, geen geld.
  • De wet noemt drie momenten waarop die vordering opeisbaar wordt: faillissement, de schuldsaneringsregeling en het overlijden van die ouder.
  • Hertrouwen staat niet in dat rijtje, tenzij de overleden ouder het zelf in een testament heeft toegevoegd.
  • Wat hertrouwen wél in gang zet, zijn de wilsrechten uit de artikelen 4:19 tot en met 4:22 BW.
  • Een wilsrecht geeft recht op overdracht van goederen, niet op uitbetaling in contanten.
  • Voor de erfbelasting is uw vordering destijds berekend met de WOZ-waarde van de woning. Die waarde ligt sindsdien vast.

Waarom u een vordering heeft en geen geld

Is er geen testament, dan geldt de wettelijke verdeling. De langstlevende partner krijgt alle bezittingen en schulden, zodat hij of zij ongestoord verder kan leven, en de kinderen krijgen een geldvordering ter grootte van hun erfdeel. Die vordering is er wel, maar u kunt er in beginsel niets mee. De achtergrond staat in de wettelijke verdeling en in geen testament, wie erft er dan.

Dat u er niets mee kunt, wil niet zeggen dat er niets gebeurt. Over die vordering is destijds wel erfbelasting berekend. De aanslag stond op uw naam, maar bij de wettelijke verdeling hoort die erfbelasting bij de schulden van de nalatenschap, en die komen voor rekening van de langstlevende ouder. De betaling werkt wel door in de hoogte van uw vordering. Dat is uitgewerkt in erfbelasting over een kindsdeel dat u niet krijgt.

Kunt u uw kindsdeel opeisen als uw ouder hertrouwt?

Wanneer wordt de vordering wél opeisbaar?

Artikel 4:13 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek is hier kort over. De vordering wordt opeisbaar als de langstlevende echtgenoot:

  • overlijdt;
  • failliet wordt verklaard;
  • in de wettelijke schuldsaneringsregeling terechtkomt.

Daarnaast kan de overleden ouder in een testament extra gevallen hebben aangewezen. En dat gebeurt geregeld: veel testamenten noemen uitdrukkelijk hertrouwen of het aangaan van een geregistreerd partnerschap als opeisbaarheidsgrond, juist omdat de wet dat zelf niet doet.

Dat is dus het eerste wat u zou nakijken: is er een testament, en wat staat daarin over opeisbaarheid? Is er geen testament, dan blijft de vordering bij hertrouwen in beginsel gewoon niet-opeisbaar. Op dit punt staat op internet veel onjuiste informatie.

Wat de wilsrechten wel doen

De wetgever begreep het onderliggende ongemak: als uw ouder hertrouwt, kan het vermogen van uw overleden ouder via de nieuwe echtgenoot uiteindelijk bij een ander gezin terechtkomen. Daarvoor zijn de wilsrechten bedoeld. Zij geven u geen geld, maar het recht om goederen overgedragen te krijgen, zodat wat uit de nalatenschap van uw overleden ouder komt in de familie blijft. Er zijn er vier.

Artikel Wanneer Wat u krijgt
4:19 BW uw ouder doet aangifte van het voornemen opnieuw te trouwen goederen in bloot eigendom; uw ouder houdt het vruchtgebruik en kan er dus gewoon blijven wonen
4:20 BW uw ouder overlijdt terwijl hij of zij hertrouwd was goederen in volle eigendom, over te dragen door de stiefouder
4:21 BW de stiefouder leeft nog en heeft goederen uit de nalatenschap van uw ouder goederen in bloot eigendom; de stiefouder houdt het vruchtgebruik
4:22 BW de stiefouder is overleden goederen in volle eigendom, over te dragen door diens erfgenamen

Twee dingen zijn hierbij belangrijk. Bij een bloot-eigendomswilsrecht verandert er feitelijk weinig in het dagelijks leven: uw ouder of de stiefouder mag de goederen blijven gebruiken. U bent dan wel eigenaar, maar zonder genot. Dat is precies de bedoeling, want het is een zekerheidsrecht en geen manier om iemand uit huis te krijgen.

En: bent u van plan een wilsrecht in te roepen, dan bent u gehouden de andere kinderen daarvan tijdig op de hoogte te stellen. Ook zij hebben immers rechten op dezelfde goederen.

Een erflater kan de wilsrechten in een testament uitsluiten of beperken. Ook dat is een reden om eerst het testament erbij te pakken; zie een testament maken.

Wat dit met de woning te maken heeft

Vaak is het huis het enige vermogensbestanddeel van betekenis. Een wilsrecht komt er in de praktijk dus op neer dat een deel van de woning aan de kinderen wordt overgedragen, met behoud van het woonrecht voor de ouder of stiefouder.

En daarmee komt de waardering in beeld. Voor de erfbelasting bij het eerste overlijden is uw vordering berekend met de woning tegen de WOZ-waarde van dat jaar, zoals artikel 21 lid 5 van de Successiewet 1956 voorschrijft. Zie WOZ-waarde en erfbelasting.

Die WOZ-waarde staat sindsdien vast: daarover is destijds uw erfbelasting berekend. De bezwaartermijn tegen die WOZ-beschikking was in beginsel zes weken na dagtekening. In vrijwel geen enkel gezin heeft iemand daar in die weken naar gekeken, want de langstlevende ouder merkte er niets van: door de partnervrijstelling stond haar of zijn eigen aanslag toch op nul.

Bij het tweede overlijden werkt die oude WOZ-waarde niet meer door. Uw vordering is dan een schuld van de nalatenschap van de langstlevende, en die telt volgens de Kennisgroep van de Belastingdienst mee voor haar werkelijke waarde, niet berekend met de oude WOZ-waarde. Zie ook het huis staat nog op naam van een overleden ouder.

Speelt er nu een tweede overlijden of een verkoop, dan is de actuele WOZ-waarde wél nog te beoordelen. Hoe dat werkt bij meerdere kinderen staat in de WOZ-beschikking bij meerdere erfgenamen, en over de termijn leest u meer in de termijn voor WOZ-bezwaar bij een erfenis.

De rente: let op verouderde informatie

Over uw vordering kan rente bijkomen. Artikel 4:13 lid 4 BW regelt dat de geldsom wordt vermeerderd met het percentage waarmee de wettelijke rente zes procent te boven gaat. De wettelijke rente voor niet-handelstransacties is per 1 januari 2026 vastgesteld op 4 procent (indicatief, jaarlijks herzien). Die zit dus onder de grens van zes procent, en er komt in 2026 langs deze weg geen verhoging bij.

Veel pagina's over dit onderwerp noemen nog een percentage van zeven en rekenen daarmee. Dat klopt voor 2026 niet meer. Let er wel op dat een testament een afwijkende rente kan voorschrijven; die gaat dan voor. Wordt de rente niet daadwerkelijk bijgeschreven of afgesproken, dan kan dat later tot discussie leiden bij de aangifte.

Een illustratief voorbeeld

Stel dat een vader overlijdt en een woning met een WOZ-waarde van EUR 400.000 nalaat, zonder testament. Moeder en twee kinderen zijn erfgenaam, elk voor een derde. Elk kind krijgt een niet-opeisbare vordering van ongeveer EUR 133.000 en krijgt daarover een aanslag erfbelasting, na de kindvrijstelling van EUR 26.230 (indicatief 2026).

Twee jaar later wil moeder hertrouwen. De kinderen kunnen hun vordering dan in beginsel niet opeisen, want de wet noemt hertrouwen niet en er is geen testament dat het toevoegt. Wat zij wel kunnen, is op grond van artikel 4:19 BW vragen om overdracht van goederen in bloot eigendom, waarbij moeder het vruchtgebruik van de woning houdt en er dus blijft wonen.

Dit is een voorbeeld ter illustratie. Elke nalatenschap ligt anders, en de uitwerking hangt af van het testament en de samenstelling van het vermogen.

Wat u kunt nakijken

  1. Zoek uit of er een testament is en wat daarin staat over opeisbaarheid, rente en wilsrechten. Het Centraal Testamentenregister kan uitkomst bieden.
  2. Zoek de aangifte erfbelasting van het eerste overlijden op en kijk hoe de vordering is vastgesteld.
  3. Controleer welke WOZ-waarde daarbij is gebruikt.
  4. Bespreek een eventueel wilsrecht eerst rustig binnen het gezin, en stel de andere kinderen op tijd op de hoogte.
  5. Speelt er nu een overlijden of een verkoop, beoordeel dan de actuele WOZ-waarde voordat de termijn verloopt. Zie erfbelasting verlagen via WOZ-bezwaar.

Bent u onterfd, dan loopt de route anders; zie de legitieme portie.

Liever uit handen geven?

Erfslim beoordeelt de WOZ-waarde van een geërfde woning en voert zo nodig het bezwaar, op basis van no cure, no pay. Slaagt het bezwaar niet, dan betaalt u niets. De voorwaarden staan in WOZ-bezwaar op basis van no cure, no pay. Een uitkomst is nooit gegarandeerd. Wat kinderen in het algemeen aan erfbelasting betalen, leest u in erfbelasting voor kinderen.

Begrippenlijst

  • Kindsdeel: het erfdeel van een kind; bij de wettelijke verdeling een geldvordering op de langstlevende partner.
  • Opeisbaar: het moment waarop u een vordering daadwerkelijk kunt opeisen.
  • Wilsrecht: het recht van een kind om goederen uit de nalatenschap overgedragen te krijgen, ter bescherming van zijn erfdeel.
  • Bloot eigendom: eigendom zonder het recht van gebruik; een ander heeft het vruchtgebruik.
  • Vruchtgebruik: het recht om iets te gebruiken en er de opbrengst van te genieten zonder eigenaar te zijn.
  • Stiefouder: de nieuwe echtgenoot of geregistreerd partner van uw langstlevende ouder.

Veelgestelde vragen

Mijn moeder gaat hertrouwen. Krijg ik nu mijn geld?

In de regel niet. De wet maakt de vordering niet opeisbaar door hertrouwen. Een testament kan dat anders regelen.

Wat kan ik dan wel?

U kunt een wilsrecht inroepen en vragen om overdracht van goederen, meestal in bloot eigendom. Uw ouder behoudt dan het gebruik.

Moet mijn ouder het huis dan verkopen?

Nee. Bij een bloot-eigendomswilsrecht blijft het vruchtgebruik bij uw ouder en verandert de woonsituatie niet.

Geldt dit ook bij samenwonen of een geregistreerd partnerschap?

De wilsrechten knopen aan bij een huwelijk of geregistreerd partnerschap. Bij ongehuwd samenwonen liggen de regels anders.

Kan ik nog iets aan de waardering van toen doen?

Aan de WOZ-waarde van jaren geleden in beginsel niet meer. Aan de actuele waarde, bij een nieuw overlijden of een verkoop, vaak wel.


Dit artikel is informatief bedoeld en houdt geen fiscaal of juridisch advies in. Wat in uw situatie geldt, hangt af van het testament en de samenstelling van de nalatenschap. Bedragen, tarieven en rentepercentages zijn indicatief voor 2026 en worden periodiek aangepast; verifieer ze zo nodig op belastingdienst.nl of rijksoverheid.nl. Raadpleeg bij twijfel een notaris of adviseur.

Bronnen

Officiële bronnen bij dit artikel, geraadpleegd in oktober 2026:


Dit artikel is informatief bedoeld en geen persoonlijk fiscaal of juridisch advies. Bedragen zijn indicatief en gelden voor het genoemde jaar. Raadpleeg zo nodig een notaris of adviseur.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *